Blog: Nabijheid in tijden van corona (89)

Maandag 29 juni  

Onderstaande hartenkreet van schrijver, actrice en zangeres Mirjam Vriend is in de afgelopen dagen door velen op Facebook gedeeld. Wat mij betreft nog niet vaak genoeg, dus dit is meteen een oproep om het verder te verspreiden. En misschien zijn voor het woord ‘kunst’ ook nog wel andere woorden in te vullen…

Ds. Marieke Fernhout

*****

VERNIEUWING zou in de kunst een verboden woord moeten zijn.

Het is de dood in de pot. Het paard achter de wagen. Bovendien is de roep om vernieuwing bepaald niet vernieuwend; dit is by far het meest platgetreden begrip in het Nederlands cultuurbeleid. Al heel, heel lang.

Het is van het grootste belang dat zowel kunstenaars als publiek -wij allen dus- hier met kracht tegen in opstand komen. Verdrietig genoeg hebben we daar nu de tijd voor.

Zeker veertig jaar geleden al zette mijn vader, componist, zich jaarlijks aan een bureau, tegenover een jong ding.
Daar moest hij bepleiten waarom hij een interessante partij was om dat komende jaar een stipendium (toelage) aan toe te kennen. Hij was en is een vaste waarde als componist in de hedendaagse muziek en had al jong een vaste fan-base opgebouwd, zowel onder musici als onder publiek. Maar dat deed er helemaal niets toe. Het jonge ding tegenover hem kende hem niet, het was een ander jong ding dan het jaar daarvoor, maar wat elk jaar wel hetzelfde bleef was de rituele vraag of hij zichzelf nog wel vernieuwend achtte.

Vraag iemand om te vernieuwen en je vraagt hem om bij de uitkomst te beginnen. In de kunst werkt dat niet. “Vernieuwen” is ten eerste een zeer abstract begrip, ten tweede is het zeer cerebraal, en dat is dodelijk, want dat is niet waar kunst uit kan ontstaan. In alle kunst die ons echt raakt -of we nou huilen van ontroering of van het lachen- zit de motor in de intuïtie en het emotionele geheugen van de kunstenaar.

Noem het magie, noem het alchemie, noem het ingegeven door de kosmos of God, allemaal goed, maar een verstand dat de overhand neemt in plaats van dienend te zijn, betekent al snel einde oefening. Het is net zo’n beroerde aanwijzing als een redacteur die tegen een schrijver roept dat het manuscript “pakkender” moet zijn, of een regisseur die tegen een acteur roept dat hij “traantjes wil zien”; reken maar dat de aangesproken schrijver dagen naar de wolken tuurt zonder dat er ook maar één gedachte in hem opkomt, reken maar dat de wangen van de aangesproken acteur zo droog blijven als de Sahara.

“Alles is al een keer gedaan”.
Ik weet niet van wie deze uitspraak is, maar hij is ontzettend waar. “Vernieuwing” is grotendeels een illusie. Rondgaan in cirkels. Dit maakt van het streven naar vernieuwing ook zo’n geforceerd proces.
Ik weet dat het muzikale genie Prince dit ook beaamde. Van hem is ook deze tekst: “There’s joy in repetition.”.

In weerwil van wat commercie ons wil doen geloven, houdt de meerderheid van de mensheid helemaal niet van verandering. Dit is, in de twee-en-vijftig jaar dat ik nu de aarde bewandel, mijn stellige observatie geworden. Wij houden van herhaling. Niemand zegt na één keer zoenen met zijn grote liefde: ’Ok, nou weet ik dit wel.’
Hetzelfde geldt voor het genieten van kunst; het interesseert de meeste mensen geen hout of het vernieuwend is, sterker nog: zij genieten graag vele malen van (varianten op) een formule die hen al eerder gegrepen heeft. Ze bouwen daar een relatie mee op, geschiedenis, associaties.

Eén voetnoot plaats ik hierbij. Mocht er sprake zijn van vernieuwing die spontaan optreedt, als bijproduct, bijvoorbeeld omdat een actueel thema je grijpt (emotionele drijfveer!), dan is het een ander verhaal. Je hoeft vernieuwing natuurlijk ook niet geforceerd te vermijden.

Kunst gaat maar over één ding: over mens zijn.
Het hoofd en het lichaam van de kunstenaar eigenen zich techniek toe, om vervolgens hun emotie daarmee te kunnen bedienen. Het cerebrale deel staat ten dienste van het emotionele deel. Iedere kunstenaar die denkt het cerebraal te kunnen rooien, loopt vroeg of laat tegen de lamp; het vuur dooft.
Je hebt jezelf zojuist artistiek de nek omgedraaid.

Wat gaan we doen?
Het Zwanenmeer dansen met een strikje om je blote Jodocus? “We wilden tonen hoe kwetsbaar deze figuur is en het strikje symboliseert dat je trots moet zijn op je kwetsbaarheid.”
Je oma mee laten doen achter haar rollator? “We wilden het verstrijken van de tijd verbeelden, en het schurende effect van het langzame tempo versus het hedendaagse gejaag.”

Raad voor Cultuur, wees echt vernieuwend door te breken met die “vernieuwend”-mantra.
Verdiep je in de culturele behoefte van mensen. Besef dat vakmanschap nooit gaat vervelen. Daar willen wij heen, jaar na jaar na jaar, daar willen wij mee blijven zoenen. Het enige dat ons interesseert is dat het met hart en ziel is gemaakt. Dat we naar gedrevenheid kijken, gedragen door vakmanschap. Het is verschrikkelijk dat vaste waarden als het Scapino ballet of het Orkest van de Achttiende Eeuw aan de rand van de afgrond bungelen.
Kunst is een zaak van het hart.

Er zijn nog geen reacties.

Geef een reactie

*

Deze website gebruikt Akismet om spam te verminderen. Bekijk hoe je reactie-gegevens worden verwerkt.