Blog: Nabijheid in tijden van corona (91)

Woensdag 1 juli 2020

Van ‘intelligente lockdown’ naar ‘ruimte met regels’. Zelf ervaar ik die anderhalve meter toch nog steeds als lockdown en echt ‘vrij’ wordt het mijns inziens pas weer als die laatste regel zal zijn opgeheven. Maar wanneer dat is… Een nieuwe coronagolf in het najaar, een nieuw en nog weer ander virus waarover bericht wordt, we staan voorlopig nog wel in wacht-stand.

Gelukkig mogen we aanstaande zondag weer naar de kerk! De voorbereidingen zijn in volle gang, stoelen zijn opgesteld met anderhalve meter tussenruimte, looproutes zijn uitgezet en de liturgie is zó opgezet dat we, ook al zullen wij nagenoeg niet zingen, toch zoveel mogelijk allemaal mee kunnen doen. Nagenoeg niet zingen: omdat vanaf vandaag ook koren weer mogen repeteren en uitvoeren (met anderhalve meter tussenruimte), zullen wij aanstaande zondag één lied samen zingen en wel het slotlied. We houden ons daarmee keurig aan de richtlijnen, nemen geen risico maar proeven toch weer iets van ‘een gewone kerkdienst’. ‘Zingen is twee keer bidden’ zei Augustinus al, en het was niet voor niets dat de liederen, die na de verschijning van het rode liedboek in 1973 gemaakt werden, onder de titel ‘Zingend geloven’ gebundeld zijn. Geloven en zingen, zingen en geloven – twee kanten van dezelfde medaille….

Voor een lichter en luchtiger toets hieronder een gedachte over het woord/begrip ‘geloven’ van de hand van schrijfster, cabaretière, columniste en presentatrice Paulien Cornelisse, uit haar boek ‘Taal is zeg maar echt mijn ding’.

*****

GLOOF

Ik heb een hypothese waarvan ik hoop dat iemand er nog eens een scriptie over wil schrijven zodat blijkt dat ik gelijk heb. Hier is-ie: Toen het geloof in Nederland minder populair werd (ontkerkelijking) werd het woord ‘geloof’ juist een stuk populairder. Het nieuwe ‘geloven’ (ook vaak verbasterd tot: gloven, gloofde, gegloofd) heeft niets met heiligheid te maken, en daarom kun je het voor van alles gebruiken, bijvoorbeeld in de betekenis van ‘zeker weten’. ‘Ik geloof dat je beter nog even langs kunt gaan bij oma.’ Dat is min of meer een rechtstreeks bevel. ‘Ik geloof niet dat dat de bedoeling is’, is de opmaat voor een zware reprimande, waarbij die ongedefinieerde ‘bedoeling’ een extra dreiging vormt. En: ‘Ik geloof dat dat rapport nog niet helemaal af is’, is een manier om te zeggen: ‘Het rapport is zeker niet af, maar ik ben niet bereid daar de volle verantwoordelijkheid voor te nemen.’

Dat het woord ‘geloven’ wordt gebruikt om de waarheid te verdraaien is natuurlijk al vervelend genoeg voor mensen die nog klassiek geloven in God of iets aanverwants. Maar wat helemaal moet steken is dat ‘geloven’ sinds een aantal jaar nog veel breder gebruikt wordt. Een paar voorbeelden: ‘Ik geloof niet in antiaanbakpannen.’ ‘Wij geloven niet in monogamie.’ ‘Ik geloof gewoon helemaal niet in aardig doen om het aardig doen.’

Geloven heeft in deze betekenis niets meer te maken met ‘denken dat iets waar is’. Nee, het betekent dat je een mening hebt, die je graag zwaar wilt aanzetten, zodat anderen denken: Wow, hij/zij vindt echt dingen! Daarnaast is het een fijne uiting van je knotsgekke individualiteit; dat is ook nooit weg.

En het werkt. Probeer het maar eens uit met een of andere onbeduidende mening die je hebt. Bijvoorbeeld: ‘Ik vind de Teletubbies stom.’ Zeg het nu eens zo: ‘Ik geloof niet in de Teletubbies.’ Klinkt meteen al een stuk interessanter, toch?

Er zijn nog geen reacties.

Geef een reactie

*

Deze website gebruikt Akismet om spam te verminderen. Bekijk hoe je reactie-gegevens worden verwerkt.